
Duizenden muziekfans die een tentje huren op de grote festivals laten na een weekendje feesten bergen slaapzakken, kleding en voedsel achter. Wat voor organisator Mojo een afvalberg is, is voor hulporganisaties ‘een goudmijn’. Zij zamelen de spullen in en verdelen ze onder dakloze vluchtelingen.
De glamping heeft de laatste jaren een vlucht genomen op muziekfestivals. Logisch ook: geen gesleep meer met loodzware tassen vol slaapspullen, je huurt gewoon een tentje met een luchtbed, een kussen en een slaapzaak, en klaar ben je.
De tenten, kussens en luchtbedden worden na afloop weer netjes ingepakt door organisator Mojo, om bij een volgend evenement opnieuw verhuurd te worden.
Waardeloos na drie keer wassen
Maar de slaapzakken, dat is een ander verhaal. “Het is voor ons geen doen om die te hergebruiken”, zegt Peter van Egmond, projectmanager bij Mojo. Hij coördineert het reilen en zeilen op de glampings van de festivals Lowlands, Pinkpop en Down the Rabbit Hole.
Van Egmond koopt de slaapzakken in bulk in, legt hij uit. Duizenden stuks, met containers tegelijk komen ze uit China. De inkoopprijs is niet hoog, erkent hij. “We hebben uitgebreide tests gedaan met wassen en stomen, maar het blijkt dat de slaapzakken na drie keer wassen niet meer bruikbaar zijn”, legt hij uit. “Dan is het gewoon niet de moeite. De hele organisatie van inzamelen, wassen, terughalen en opslaan, plus de hoge energiekosten die bij het wassen komen kijken, dat is het simpelweg niet waard.”
De oplossing was snel gevonden: wie een festivalkaartje koopt en een ‘gemeubileerde’ tent huurt, wordt eigenaar van de slaapzak. Je mag hem dus mee naar huis nemen. Maar dat doen maar weinig bezoekers, zo blijkt: slechts één op de zes.
Waarom niet, daarover kun je volgens Van Egmond alleen maar speculeren, al heeft hij wel een idee: “Iets met de consumptiemaatschappij, vermoedelijk. Het is geen dure slaapzak, de meeste mensen hebben thuis een eigen exemplaar, dus waarom zou je ermee gaan slepen?”
Daar komt bij: bezoekers worden er met banners op gewezen dat achtergelaten slaapzakken naar een goed doel gaan.
Afval voor de een, goudmijn voor de ander
Als de vele duizenden bezoekers op de maandag na het feestweekend huiswaarts keren, blijft Van Egmond achter met bergen slaapzakken. Voor hem was het afval, daarom ging hij op zoek naar mensen die er wel blij mee waren. Zo doneert hij al een paar jaar honderden slaapzakken aan de Pauluskerk in Rotterdam. En ook het Leger des Heils in Rotterdam is blij met enkele honderden exemplaren.
“Maar ik had er nog veel meer”, zegt Van Egmond. “Ik zocht een partij die er nog veel meer kon gebruiken.”
Roos Ykema, directeur van MiGreat, een organisatie die zich inzet voor vluchtelingen, bood uitkomst. Zij kwam in contact met Van Egmond via contacten bij de Pauluskerk en noemt de berg aan slaapzakken ‘een goudmijn’.